The Biggest Man you've ever seen

In Memoriam: Clarence Clemons

The Biggest Man you've ever seen 19-06-2011

Clarence Clemons overleed zaterdag 18 juni in het St. Mary’s Medical Center in zijn woonplaats West Palm Beach, Florida, aan de gevolgen van een beroerte die hem een week eerder trof. Springsteens carrière zou er anders hebben uitgezien zonder Clarence, een van zijn grootste vrienden en muziekpartner. Met het overlijden van Clarence komt er een einde aan een tijdperk in de muziekgeschiedenis.

Door Jos Westenberg en Muriël Kleisterlee


Clarence signeert zijn biografie Big Man - Real Live and Tall Tales (foto: Muriël Kleisterlee).

Clarence werd op 11 januari 1942 in Norfolk, Virginia geboren. Zijn vader was de eigenaar van een vismarkt, zijn opa was dominee. Clarence groeide op met gospelmuziek. Op zijn negende kreeg hij met Kerstmis van zijn ouders een altsaxofoon in plaats van een elektrische trein, die hij gevraagd had. “Ik had nog nooit een saxofoon gezien, en wist ook niet waarom mijn vader me die gegeven had”, zei Clarence eens tegen Downbeat Magazine. Zijn vader verplichtte hem om les te nemen. Al snel werd duidelijk dat hij een uitzonderlijk muzikaal talent bezat, Clarence speelde in de Crestwood Highschool Jazz Band.
Ook fysiek stak Clarence met kop en schouders boven zijn leeftijdgenoten uit. Hij kreeg een beurs voor de Maryland State College, voor zowel muziek als American football. Door een auto-ongeluk, waardoor hij zijn knie ernstig blesseerde, zat een carrière als professioneel speler van American football er niet meer in. In 1962 verhuisde hij in naar Newark, New Jersey, waar hij zeer moeilijk lerende kinderen ging begeleiden.


Bruce en Clarence in de Kuip, Rotterdam 1985 (links) en 1988 (rechts).


The Big Man joined de band
Met zijn saxofoon onder zijn arm mengde Clarence zich in de muziekscène van de Jersey Shore. Clemons speelde met Norman Seldin and the Joyful Noyze in Asbury Park op de avond dat hij Springsteen voor het eerst ontmoette. Bruce heeft het verhaal over deze ontmoeting vaak op het podium verteld. Springsteen speelde die avond in de Student Prince op Kingsley Street. Op een gegeven moment kwam Clarence binnen waaien. Toen hij de deur opende, blies een windvlaag die uit z’n scharnieren de straat op. Clarence stapte op Bruce af en zei: “I wanna play with you.” Bruce kon niks anders antwoorden dan: “Natuurlijk!”
Clarence vertelde later over dit moment: “Toen ik het podium op stapte, zag ik al voor me hoe de toekomst zou worden. Ik wist dat Springsteen degene was waar ik naar zocht, degene die me een stap verder zou kunnen brengen. Het was liefde, liefde op het eerste gezicht.”

 


Springsteen over de ontmoeting met Clarence tijdens zijn dankwoord bij de Rock ’n Roll Hall of Fame-inductie in 1999:

“And last but not least, Clarence Clemons. That's right. You want to be like but you can't, you know. The night I met Clarence, he got up on stage and a sound came out of his horn that seemed to rattle the glasses behind the bar, and threatened to blow out the back wall. The door literally blew off the club in a storm that night, and I knew I'd found my sax player. But there was something else, something... something happened when we stood side by side. Some... some... some energy, some unspoken story. For 15 years Clarence has been a source of myth and light and enormous strength for me on stage. He has filled my heart so many nights, so many nights. And I love it when he wraps me in those arms at the end of the night. That night we first stood together, I looked over at 'C' and it looked like his head reached into the clouds. And I felt like a mere mortal scurrying upon the earth, you know. But he always lifted me up. Way, way, way up. Together we told a story of the possibilities of friendship, a story older than the ones that I was writing and a story I could never have told without him at my side. I want to thank you, Big Man, and I love you so much.”

 

De ontmoeting was de start van de speciale relatie tussen Bruce en Clarence, die door de verhalen van Bruce soms mythologische proporties aannam. In 1972, nadat Bruce via John Hammond een platencontract bij CBS had getekend, rekruteerde Bruce de bandleden die de E Street Band zou vormen. Clarence kreeg daarin een prominente rol. Bruce bezong zijn ontmoeting met de Big Man in ‘Tenth Avenue Freeze-out’, het verhaal van de E Street Band. In 2009 zei Clarence in een interview over zijn relatie met Bruce: “Het is de grootste passie die je kunt voelen zonder de seks.”

Springsteens muziek kenmerkt zich door het scheurende, huilende geluid van Clarence’ tenorsaxofoon. De lijst met saxofoonsolo’s in Springsteens grootste nummers is lang: ‘Born to Run’, ‘Thunder Road’, ‘Tenth Avenue Freeze-out’,’Spirit in the Night’, ‘Growin’ Up’, ‘Kitty’s Back’, ’Night’, ‘She’s the One’, ‘Badlands’, ‘The Promised Land’, ‘Hungry Heart’, ‘Ramrod’, ‘Drive All Night’, ‘Bobby Jean’, ’I’m Goin’ Down’, ‘Be True’, ‘Paradise By the ‘C’, ‘From Small Things, Big Things One Day Come’, ‘None But the Brave’, ‘If I Should Fall Behind’, ‘Secret Garden’, ‘Back in Your Arms’, ‘Waitin’ on a Sunny Day’, ‘Livin’ in the Future’… Het bekendst is uiteraard de ultieme solo in ‘Jungleland’, Clarence’ belangrijkste moment op plaat en op het podium. Twee minuten lang brengt Clarence publiek en band in vervoering wanneer hij in de spotlight staat en het verhaal van de Magic rat en de barefoot girl inkleurt met zijn saxofoon.


De ons ontvallen E Street Bandleden: Danny Federici en Clarence Clemons.

Clarence komt meespelen met 'Tenth Avenue
Freeze-out' op 24 juni 1993 in New Jersey.

Tall Tales
Clarence was er kapot van toen Bruce in 1989 de E Street Band op non-actief zette. Hij was op tour met Ringo Starr’s All-Star Band (waar ook Nils deel van uitmaakte) in Japan, toen Springsteen hem belde. “Big man, it’s over”, zei Bruce. Clarence dacht dat Bruce de tour met Ringo Starr bedoelde en dat hij hem naar huis wilde laten komen om weer samen te gaan werken, maar Bruce bedoelde de E Street Band. Clarence heeft sindsdien zijn haren niet meer geknipt.
Legendarisch was het moment van de voorlaatste show van de 1992/’93 wereldtour van Bruce, toen Clarence onaangekondigd met Little Steven mee kwam spelen in Brendan Byrne Arena in East Rutherford. Onder ‘Tenth Avenue Freeze-out’ stapte de Big Man het podium op. Zijn solo was niet te horen, zo hard juichte het publiek. Een ander kippenvelmoment was de solo van Clarence onder ‘Bobby Jean’ tijdens de eerste shows van de Reunion-tour. Tranen biggelden over de wangen van Clarence toen hij met zijn solo dit nummer over een verloren vriendschap afsloot.
Zo zijn er talloze herinneringen over Clarence op te halen, zowel van op als buiten het podium. Clarence bracht solo, en met zijn bands The Red Bank Rockers en The Temple of Soul, in totaal acht platen uit. Met Jackson Browne scoorde hij een bescheiden hit met het nummer ‘You’re a Friend of Mine’, dat Clarence eigenlijk met Bruce had willen opnemen. Clemons was niet alleen Springsteens muzikale partner, veel muzikanten hebben van Clarence’ talent gebruikgemaakt. Hij speelde mee op platen van onder anderen Aretha Franklin, Roy Orbison, Joe Cocker, Ian Hunter, Southside Johnny, Nils Lofgren, Little Steven, Twisted Sister en Joan Armatrading. Op Herman Broods album Freeze uit 1990 is ook het saxofoonwerk van Clemons te beluisteren. En onlangs nog leverde Clarence een bijdrage aan een nummer en optreden van Lady Gaga.


Clarence speelde ook mee op de cd Freeze van Herman Brood.


Acteur en auteur
Clarence acteerde ook in speelfilms en televisieseries. Zo speelde hij in ‘Bill & Ted’s Excellent Adventure‘, ‘The Blues Brothers 2000‘ en in populaire series als ‘Diff’rent Strokes‘,‘Jake and the Fatman‘,‘Nash Bridges‘,‘The Sentinal‘  en ‘The Wire‘. In 2009 bracht Clarence een boek uit, getiteld Big Man: Real Life & Tall Tales. Een soort autobiografie, maar wel eentje waarin de scheidslijn tussen fictie en feiten niet altijd even duidelijk is.
In februari vertelde Clarence aan Rolling Stone dat hij saxofoon zou blijven spelen zo lang als hij in het bezit was van een mond, hersenen en een paar handen. Dit jaar verscheen er ook een film over Clarence’ kijk op het leven: ‘Who Do I Think I Am?‘ De film ging in april dit jaar in première in het Paramount Theater in Asbury Park, in aanwezigheid van Clarence zelf. De Big Man zat in een rolstoel na een operatie aan zijn wervelkolom, maar had voor alle aanwezigen een glimlach, een praatje, foto of een handtekening. Clarence werkte hard aan het herstel van zijn bewegingsapparaat, vastbesloten als hij was klaar te zijn wanneer Bruce hem zou oproepen om met de E Street Band een nieuw hoofdstuk aan zijn verhaal toe te voegen.
Dat E Street-hoofdstuk kwam er voor Clarence niet meer. Clarence is toch in het harnas gestorven. Een beroerte - die waarschijnlijk het gevolg was van een operatie aan zijn hand, twee dagen daarvoor - werd hem fataal, terwijl hij met een van de populairste artiesten van het moment, Lady Gaga, de hitlijsten bestormde met ‘Edge of Glory’.


Laatste foto van Bruce en Clarence samen, genomen bij de releaseparty van film 'Who Do I think I Am?',
in Asbury Park april 2011.


Tien memorabele Clarence-momenten


Jungleland, 2009.


Born to Run, Pinkpop 2009.


Thunder Road, 1985.


Tenth Avenue Freeze-out, Superbowl, 2009.


Drive All Night, 2009.


Bobby Jean, 1985.


Growin' Up, 1985.


Trapped, 1985.


Be True, 1988.


Paradise by the 'C', 1988.




OVER BE TRUE
PRIVACYVERKLARING
E-MAILNIEUWSBRIEF