Vergelijking Sony HX60 en Panasonic TZ60

Wat is de beste concertcamera? 01-06-2014

Tijdens de vier Springsteen-concerten die Be True in april in de VS bezocht, testten we twee nieuwe, zogenaamde travelzoomcamera’s: de Sony Cyber-shot DSC-HX60 en de Panasonic Lumix TZ60. In dit artikel vergelijken we deze compactcamera’s die zeer geschikt zijn voor concertgebruik en beschrijven we hoe ze presteren onder concertomstandigheden.

Door Muriël Kleisterlee. © Concertfoto's: Jos Westenberg (alle Sony-foto's) en Muriël Kleisterlee (Panasonic)

De camera’s hebben ongeveer dezelfde specificaties. Beide hebben 30x optische zoom (hiermee kun je heel ver inzoomen), zijn handmatig instelbaar qua sluitertijd  en ISO (onmisbare functies voor concertfotografie) en kunnen filmpjes maken in full hd. De Panasonic heeft standaard ook gps (niet getest bij de concerten, vergt te veel batterij), bij de Sony moet je dan voor de iets duurdere versie HX60V kiezen. Wifi hebben beide toestellen ook (niet getest).

Beeldkwaliteit
De Panasonic heeft een lens van het befaamde lenzenmerk Leica, de Sony bevat een lens van eigen makelij. De Sony heeft iets meer megapixels (20,4) dan de Panasonic (18). Het voordeel hiervan is dat er net iets (2 cm) grotere uitvergrotingen in drukwerk (fotoboek) of op fotopapier mee zijn te maken. Dit voordeel wordt helaas opgeheven door de jpg-compressie van de Sony die van mindere kwaliteit is (1 of 2 per pixel in vergelijking met 4 bij de Panasonic). Bij uitvergrotingen vertonen de Sony-foto’s daardoor meer ruis en vlekken dan die van de Panasonic.
Een pluspunt van de Panasonic is dat deze camera de foto’s naast in jpg ook in raw-format kan opslaan. Dit is een meer hoogwaardige bestandskwaliteit, die als voordeel heeft dat de foto’s beter zijn te bewerken na afloop in fotoprogramma’s als Photoshop, waardoor je er vooral voor drukwerk betere beeldresultaten mee kunt bereiken. Maar voor de gemiddelde amateurfotograaf die nooit aan (of alleen aan simpele) beeldbewerking doet, is dit waarschijnlijk niet van doorslaggevend belang.

 
Links: Sony met sluitertijd 1/125 en ISO 1600 kiest hij diafragma f/3.5. Rechts: Panasonic met sluitertijd 1/100 en ISO 1600 krijg je
diafragma f/3.3. Hoewel de lichtsituatie op podium wellicht net anders is geeft de Sony meer "storing" rond podiumlichten. Nashville 2014

ISO automatisch en handmatig instelbaar
Beide camera’s zijn instelbaar tot een hoge ISO-waarde van 6400. Dit is belangrijk bij weinig licht zoals bij concerten vaak het geval is. Bij binnenconcerten gebruik je vaak 1600, en soms 3200 als er echt weinig licht op het podium is. 6400 is niet aan te raden, omdat je dan te veel ruis op je foto’s krijgt (oneffenheden, vlekjes). Ter vergelijking: als je buiten vakantiefoto’s maakt, gebruikt de camera meestal een ISO-waarde van 100 of 200. Beide camera’s zijn ook zo in te stellen dat ze automatisch de juiste ISO-waarde kiezen gegeven de opgegeven sluitertijd en de lichtsituatie op het podium. Let wel op: bij de Panasonic moet je via het menu aangeven dat hij tot 3200/6400 mag gaan. Doe je dit niet, dan gebruikt hij maximaal 1600.
Wat opvalt is dat bij instellen van een sluitertijd 1/125 en ISO 1600 de Sony meestal voor een diafragma van f/6.3 kiest, terwijl de Panasonic 'm dan op f/5.6 houdt en daarmee iets meer licht binnen laat.

Kleurweergave
De foto’s van de Sony bevatten duidelijk meer rood. Het is een kwestie van smaak of je dat wel of niet mooi vindt. Het geeft vooral bij buitenopnames een iets warmer en sfeervoller beeld. Nadeel is dat je bijvoorbeeld bij de kleur roze toch wel ziet, dat deze ook naar rood neigt. De Panasonic is wat dit betreft wat kleurechter of natuurgetrouwer.

 
Sony (linkerfoto): de schoen van het meisje neigt naar rood. Panasonic: de roze schoen is kleurechter.
Atlanta 2014 © Be True

Uiterlijk
Als je de camera’s oppakt, is het eerste dat opvalt dat de Sony iets dikker en iets zwaarder is. Of je dit een voor- of nadeel vindt is persoonlijk. Sommigen vinden het makkelijker een camera stil te houden als deze iets zwaarder is. Mensen met wat grotere handen zullen de Sony waarschijnlijk prefereren, omdat die bij een ouderwets omklemmen (zoals je bij een analoge camera deed) wat natuurlijker in de hand ligt. Als je je camera meestal tussen duim en wijsvinger vasthoudt, aan de onder- en bovenkant van de camera, merk je tussen beide toestellen weinig verschil.
Voor de rest zijn de afmetingen van beide toestellen vergelijkbaar. Ze zijn net iets te groot voor de gemiddelde borstzak, maar zeker nog wel weg te stoppen in een grotere binnenzak of broekzak. De wat slankere Panasonic biedt hierbij een licht voordeel. Een ander handigheidje bij de Panasonic is dat je het (grijze) polsbandje ook aan de linkerkant van de camera kunt bevestigen. De Sony heeft dan net weer een iets dikker (zwart) polsbandje, dat wat prettiger en degelijker aanvoelt.

Positie flitser
Bij de Sony is de flitser uitklapbaar. Voordeel hiervan bij concerten (zie ook artikel Concertfoto’s maken) is dat hij dan altijd al uit staat als hij ingeklapt is. Ander voordeel voor situaties buiten de concerten om, is dat de Sony de optie biedt om een grotere losse flitser op het toestel aan te sluiten. Bij de Panasonic zit de flitser aan de voorkant. Je moet hem dus altijd eerst uitschakelen voordat je concertfoto’s maakt. Doordat de flitser ook iets dichter bij de lens zit, zou je sneller last kunnen hebben van rode ogen (niet getest, want bij concerten moet je de flitser sowieso uitzetten om goede foto’s te kunnen krijgen).

Zoeker
Alleen de Panasonic heeft naast het beeldscherm ook nog een ouderwetse zoeker waar je doorheen kunt kijken om een foto te maken. Dit kan bij concerten het voordeel hebben dat je het beeldschermpje uit kunt zetten, waardoor je minder opvalt en waardoor je mensen achter je niet stoort. Ideaal dus ook voor concerten waar eigenlijk geen foto’s mogen worden gemaakt. Ook voor mensen die nooit hebben kunnen wennen aan het kijken naar een beeldschermpje als je de foto maakt, is dit een aantrekkelijk pluspunt van de Panasonic. Waar je wel altijd rekening mee moet houden bij zoekers van compactcamera’s, is dat het beeld dat je door de zoeker ziet net iets afwijkt van dat van de daadwerkelijk foto als het geen spiegelreflexcamera is (je ziet rechts bijvoorbeeld iets meer, terwijl op de foto juist meer van de linkerkant is te zien). Dit is een kwestie van een paar testfoto’s maken om te zien hoe groot de afwijking is.


Links: achterzijde Sony, de filmknop zit op een plek waarop je snel je duim houdt en waardoor je dus soms per ongeluk filmpjes
maakt terwijl je een foto wilt maken. Rechts: Panasonic met linksboven de zoeker waardoor je kunt kijken zonder beeldscherm
te gebruiken.

Positie knoppen
De grootste verschillen in de positie van de bedieningsknoppen, zit ‘m in de ligging van de filmknop. Die zit bij de Sony op de achterkant op een plek waarop je je duim nogal snel houdt. Het onhandige hiervan is dat je de knop snel per ongeluk indrukt als je alleen een foto wilt maken en niet wilt filmen. De filmfunctie is via het menu eventueel wel zo in te schakelen dat de knop alleen gebruikt kan worden als de draaiknop op de bovenkant op de optie Film staat ingesteld. Maar dan verschijnt er toch nog een melding ‘functie niet beschikbaar’ als je tijdens het foto’s maken per ongeluk op de filmknop drukt. Dit betekent weer dat er zomaar een uniek fotomoment verloren kan gaan, omdat je zelf op een knop moet drukken  voordat het bericht weer verdwijnt en je verder kunt fotograferen.
Bij de Panasonic zit de filmknop op de bovenkant naast de afdrukknop. Ook hier bestaat dus het risico dat je per ongeluk op de filmknop drukt, maar in de praktijk is dat bij ons behalve een enkele keer in het begin niet zo vaak gebeurd. Klein nadeel van de Panasonic is dat ook de aan/uit-knop naast de afdrukknop zit en dat hij net niet genoeg verzonken ligt. Daardoor kun je de aan/uit-knop soms per ongeluk indrukken als je de camera uit je beschermhoesje haalt.
Een ander verschil is dat de Sony op de bovenkant een knop heeft waarmee je het diafragma in stops van plus of min 0,3 kunt vergroten of verkleinen, waardoor er minder of meer licht door de lens valt. Dit kan handig zijn voor de gevorderde gebruiker. Het is wel opletten dat deze knop bij het wegstoppen in een broekzak of beschermhoesje niet per ongeluk verdraait, zoals Jos bij twee concerten ongemerkt is gebeurd.

 
Links Sony: zelf voor te lage ISO van 800 gekozen (bij 1/160 en f/5.6), waardoor foto aan de donkere kant is. Rechts Panasonic
met ISO 1600 (1/125 en f/5.1). Nashville 2014 © Be True

Bedieningsgemak draaiknoppen
De draaiknop waarmee je kunt instellen of de camera volautomatisch werkt, of dat je zelf de sluitertijd wilt opgeven, zit bij beide camera’s zoals gebruikelijk op de bovenkant. Ze zijn stevig en werken prima. S is de optie die je moet instellen voor concertgebruik. Beide camera’s bieden ook opties voor bepaalde situaties (landschap, portret, zonsondergang, etc.) en het maken van panoramafoto’s. Het maken van panoramafoto’s, waarbij je de camera in een vloeiende lijn moet bewegen om de foto te maken, lijkt bij de Sony makkelijker te lukken dan bij de Panasonic.
Op de achterkant van beide camera’s zit een kleiner draaischijfje. Daarmee kun je als je S hebt ingesteld op de andere draaiknop door de sluitertijdopties scrollen. De gekozen en omringende sluitertijd(en) verschijnt(/en) ook duidelijk in je beeldscherm.

 

Sony: ISO 1600, 1/160 en f/6.3.
Charlotte 2014 © Be True

Wegschrijfsnelheid
Niet onbelangrijk bij concertgebruik op momenten waarop je graag snel meerdere foto’s achter elkaar wilt kunnen maken om mooie momenten te vangen, is de wegschrijfsnelheid. De snelheid dus waarmee een foto die je net hebt gemaakt wordt bewaard op je geheugenkaart en de tijd waarin de camera weer klaar is om een nieuwe foto te maken. We gebruikten in beide camera’s dezelfde soort geheugenkaart (SanDisk Extreme, 80 MB/s, class 10, 8GB/120 min.). Bij gebruik van het zwaardere raw-format leek de Panasonic de foto’s nog net zo snel weg te schrijven als de jpg’s van de Sony. Als je bij de Panasonic voor alleen als jpg bewaren kiest, was de Panasonic sneller opnieuw gebruiksklaar. Bij de Sony moet je ook niet te snel weer in- of uitzoomen als je net een foto hebt gemaakt, omdat je dan in het weergavemenu terecht komt, waar je eerst weer uit moet raken voordat je een nieuwe foto kunt maken. Bij de Sony kun je wel de Automatische weergave op Uit zetten (foto wordt dan niet meteen getoond na maken van foto). Wil je dat die wel getoond wordt, kies dan voor het laagst aantal seconden: 2 (in menu, icoon tandwiel, scherm 1).

Menu en navigatie
Veel van de instellingen die je nodig hebt voor concertgebruik zijn allemaal via het menu beschikbaar. Het menu van de Sony is iets gebruiksvriendelijker als je net begint. Ook is de vormgeving van bijvoorbeeld de scène-modus net iets fraaier (met foto’s) dan die van de Panasonic (met icoontjes). Beide camera’s bieden op het beeldscherm ook korte uitleg in het Nederlands bij alle opties en instellingen.

Eigen instellingen bewaren
Beide camera’s bevatten een Fn-knopje. Hieronder kun je eigen voorkeursinstellingen bewaren. Bij de Sony is deze knop een stuk makkelijker instelbaar en je hebt veel instellingen onder handbereik die je snel kunt aanpassen. Je kunt deze bijvoorbeeld zo instellen dat je met deze knop in één keer bij je ISO-instelling komt, heel handig bij concerten dus. Bij de Panasonic zijn de functies die je onder je Fn-knop kunt kiezen beperkt en je kunt ze alleen via het menu instellen. ISO is onder de Fn-knop van de Panasonic helaas niet beschikbaar. Panasonic maakt dit nadeel goed door de beschikbaarheid (onder de hoofddraaiknop) van de opties C1 en C2 waarmee ook eigen instellingen zijn te bewaren. Je hebt er echter wel de uitgebreide handleiding voor nodig om uit te vinden hoe dit werkt.


Panasonic: ISO1600, 1/100 en f/5.6. Charlotte 2014 © Be True

Ingang mini-hdmi
Beide camera’s bevatten een ingang voor mini-hdmi waaraan je de accu’s kunt opladen. Het klepje (met scharniertje) van de Panasonic voelt stukken degelijker aan dan die van de Sony. Bij de Sony is het klepje, eenmaal open, verder naar buiten te trekken. Het lijkt vast te zitten aan stukje metaal met een koordje of veertje. Vooral het terugduwen gaat niet vloeiend. Het voelt aan alsof het klepje snel kan afbreken.

Extraatjes
Leuk en handig extraatje is de functie ‘reistijd’ (naam bij de Panasonic). Daarmee kun je de tijdzone instellen van het land waarin je op vakantie bent. Voordeel hiervan is dat de foto’s altijd met de juiste datum en tijdstip worden opgeslagen. De Sony biedt deze functie ook onder de noemer Tijdzone.
De Sony biedt in de camera zelf in het menu (icoontje camera, scherm 6) nog een Lijst met opnametips waarin je korte adviezen voor het maken van betere foto’s terugvindt.
De Panasonic bevat de optie Intelligent Resolutie: deze functie zou foto’s met betere scherpte en resolutie maken. Deze kun je beter uit laten, zeker bij mindere lichtomstandigheden zoals bij concerten  werkt de functie niet goed, zoals uit dit filmpje blijkt.

Prijsverschil
De Sony HX60 is te verkrijgen vanaf 323 euro (389 voor de HX60V met gps). De zwarte Panasonic TZ60 kun je kopen vanaf 391 euro (bevat standaard gps), andere kleur vanaf 389. Beide toestellen bevatten ook een wifi-optie.


Sony ingesteld op ISO 1600 en 1/160 net iets overbelicht (wittere huidkleuren) ten opzichte van de Panasonic die op ISO 800 en
1/125 was ingesteld vanwege veel licht op het podium en in de zaal.

Conclusie
Welke camera is nou de betere voor concertgebruik? Dat zal voor velen afhangen van persoonlijke voorkeuren. De Panasonic geeft een betere afdrukkwaliteit, voor websitegebruik is het kwaliteitsverschil minder duidelijk. De meeste mensen zullen iets sneller hun weg vinden in de Sony, hoewel bij deze camera het risico van op verkeerde knopjes drukken groter is en je soms langer moet wachten voordat je een nieuwe foto kunt maken.
Wat overduidelijk is, is dat beide camera’s beter presteren dan onze vorige Fuji Finepix F750 EXR met 20x optische zoom. Wil je minder geld uitgeven dan is een voorloper van de Panasonic (TZ40 met 20x optische zoom) of Sony (de HX50, wel al met 30x optische zoom en beste koop in Consumentengids, eind 2013) waarschijnlijk een betere keus dan een Fuji. Een beste koop-sticker zegt meestal niet veel over prestaties op gebied van concertgebruik.
Op sites als Kieskeurig.nl en Consumentenbond.nl kun je makkelijk diverse camera’s met elkaar vergelijken op beschikbare functies, verschillen en gebruikersreviews. Kijk ook eens in (of op sites van) fototijdschriften als Zoom.nl of Letsgodigital.nl. Via Google kom je ook op sites die helpen bij het kiezen van de juiste geheugenkaart. Of laat je infomeren in de fotospeciaalzaak.

Wil je weten hoe en met welke instellingen (ISO en sluitertijd) je de beste concertfoto's maakt? Lees dan ook het artikel Goede concertfoto's maken met een compactcamera.




OVER BE TRUE
E-MAILNIEUWSBRIEF