Born to run-onthullingen

Nieuws en anekdotes uit Springsteens autobiografie 19-09-2016

Er komt ons niet veel aanwaaien, maar het manuscript van Springsteens autobiografie Born to Run deed dat wel. Het belandde opeens ongevraagd in onze inbox. En we lazen het snel uit, met een lach en met een traan. Bruce kan schrijven, niet alleen songs maar ook een heel non-fictieboek! Soms laat hij zich verleiden tot wat al te omfloerst taalgebruik, maar zijn persoonlijke verhaal leest als een trein. Be True doet een week voor de release van het boek alvast enkele onthullingen.

Door Muriël Kleisterlee

De autobiografie staat vol grappige (en ontroerende) anekdotes. Ook over de bekende kom je toch nieuwe dingen te weten. Zo was Springsteens eerste gitaar een huurgitaar, die hij (7 jaar) samen met zijn moeder haalde nadat hij Elvis op tv had gezien.  Hij nam ook les, maar die lessen frustreerde hem. Zijn docent probeerde hem noten te laten lezen, deed eindeloos veel aan techniek en had “totaal niet wist hoe hij dat wat Elvis deed moest leren aan een jongen die hoog van de toren blies en de lagereschoolblues wilde zingen”. Ook waren Springsteens handen nog niet groot genoeg. Hij gaf er dan ook snel de brui aan, maar op de dag dat hij de gitaar terug moest brengen, stonden er een paar buurtkinderen bij zijn tuin. Bruce gaf zijn eerste show. Hij schudde met de gitaar, schreeuwde ertegen, sloeg erop en kraamde voodoo-onzin uit. Alles behalve erop spelen dus. Bruce geeft toe dat het stom was, maar zijn zeskoppige publiek lachte en vond het erg vermakelijk; hij had “bloed geroken”.

Springsteens eerste kwaliteiten als showman (hij noemt zichzelf van nature theatraal) uitten zich op de dansvloer van de St. Rosa van Limaschool op de vrijdagavond: “Ik was bereid het risico te nemen dat de helft van de bevolking (de mannelijke) me uitlachte omdat ik erachter was gekomen dat de andere helft iemand die iets anders wilde dan stevig tegen ze aangedrukt schuifelen, fantastisch vond.” Op familiebijeenkomsten was hij door zijn moeder het tapijt van de woonkamer opgesleurd om de twist, bekend van Chubby Checker, te dansen. Zo wist Bruce zich op de dansavonden van zijn school omringd door de aantrekkelijkste meisjes. “Mijn klasgenoten waren geschokt; zij kenden me alleen als die arme ziel aan het achterste tafeltje in het lokaal.  Ze riepen dan ook tegen me: ‘ Hé, Springy, waar heb je dat geleerd?’ Nou, ik had geoefend, hard geoefend. Niet alleen met mijn moeder, maar ook voor de manshoge spiegel die aan de binnenkant van mijn slaapkamerdeur hing.”


De St. Rose School of Lima in Freehold waar Bruce vele vernederingen onderging (foto: Jos Westenberg).

De zenuwen door Europees sta-publiek
Tijdens de Born in the USA-tour betrad Bruce in Pittsburgh een keer het podium om meteen af te tellen voor ‘Born in the USA’. In plaats van de harde, herkenbare synthesizertonen van Roy klonk niet veel meer dan wat getingel van Danny’s klokkenspel. Roy en Nils bleken te ontbreken, ze waren nog backstage aan het tafeltennissen. “Nils en Roy braken records op de 60 meter sprint terwijl ze de meest angstaanjagende woorden van hun leven hoorden: ‘Jullie zitten diep in de problemen en ik ga die fucking tafeltennistafel in de fik zetten!’ ” Bruce was niet blij en beleefde naar eigen zeggen een van de grootste afgangen aller tijden.

Tijdens dezelfde tour speelde Bruce voor het eerst in stadions in Europa. Opmerkelijk genoeg waren er in 1981 op last van Springsteen zelf voor de veiligheid tijdens de Europese arenaconcerten alleen zitplaatsen, hoewel de losse stoelen op de vloer bij een concert in Parijs al snel aan de kant werden gezet door het publiek. Bij het grote openluchtconcert bij Slane Castle in Ierland, in 1985, kreeg Bruce enorm de zenuwen van het voor het podium dicht op elkaar gepakte publiek dat heen en weer deinde. Hij zag hoe mensen soms in de modder vielen, om secondenlang te verdwijnen, totdat ze door een andere concertganger weer overeind werden getrokken. Bruce was bang dat iemand wat zou overkomen en hij daar dan de schuld van zou krijgen. Hij vroeg Jon Landau dan ook om voor alle komende concerten de stakaarten alsnog om te zetten in zitplaatsen, maar zijn manager overtuigde hem ervan dat dat niet alleen niet nodig was maar organisatorisch (kaarten al verkocht) ook onmogelijk. Bruce had overigens wel een beetje gelijk. Volgens het journaal (http://www.rte.ie/archives/2015/0529/704760-bruce-springsteen-plays-slane/ ) waren er twintig mensen met lichte hoofdverwondingen en botbreuken, maar zou het massale publiek beter in de hand zijn gehouden dan normaal.

Een kat met negen levens
Eigenlijk mogen we blij zijn dat Bruce nog leeft. Hij had een jonge dood kunnen sterven. De eerste keer dat hij eraan ontsnapte was hij nog maar een kind. Hij was net naar boven gelopen toen er een kogel dwars door de voordeurruit van zijn huis vloog. Het voorval is nooit opgehelderd, hoewel Springsteens licht ontvlambare vader dacht dat het misschien te maken had met een conflict dat hij op zijn werk had gehad.
Ook liften, iets wat Bruce in zijn jonge jaren veelvuldig en graag deed (zelfs om naar college te gaan, want ander vervoer had hij niet of kon hij niet betalen), had zo zijn gevaren. Zo maakte hij dollemansritten met dronken chauffeurs mee en waren er ook weleens automobilisten die deden alsof ze voor hem gingen stoppen, maar op het laatste moment de deur open smeten waardoor Bruce in de berm gelanceerd werd.
Aan de dienstplicht en een bijna zekere uitzending naar de Vietnam-oorlog die zoveel van zijn generatiegenoten meemaakten, ontsnapte Bruce met de classificatie F4: ‘lichamelijk ongeschikt’, waarschijnlijk vanwege de overdreven voorgestelde hersenbeschadiging (het was een hersenschudding) die hij daaraan over zou hebben gehouden.

In de periode dat hij in Steel Mill zat, maakte Bruce met zijn kompanen twee keer een deels gevaarlijke autotrip naar Californië. Wat al wel bekend was, is dat Bruce tijdens die trip auto leerde rijden (in de kleine vrachtwagen) van Carl Tinker West (omdat alle chauffeurs na een pauze in Danny’s auto waren beland). In het begin kon Bruce nog niet optrekken en moest de manager dat doen en wisselden ze al rijdend van plaats. Maar dat was niet het enige; ze passeerden ook een bergpas met een smalle, glibberige ongeasfalteerde weg met veel stenen, die vlak langs een steile afgrond liep. Er was geen vangrail en de vrachtwagen slipte en gleed over de weg. Volgens Bruce besefte zelfs de meerijdende hond dat hun leven aan een zijden draadje hing.
Op de terugweg begaf Danny’s stationwagen het en moesten Bruce en een ander bandlid zich twee dagen lang in de ijskoude laadruimte van de vrachtauto proppen tussen duizenden kilo’s aan apparatuur. Op de tweede trip hadden ze te maken met besneeuwde wegen waardoor de weg niet meer van de berm te onderscheiden was. Ook op wat latere leeftijd werd zijn rijstijl als roekeloos betiteld. Hij reed zelfs weleens expres hard en roekeloos om frustraties kwijt te raken of dierbaren die hij een lesje wilde leren, de stuipen op het lijf te jagen (Bruce noemt dit nu walgelijk gedrag waarvoor hij zich schaamt).
Verder ging Bruce een keer te laat in het seizoen nog surfen. Er waren grote golven en één daarvan liet hem te pletter slaan op de stenen. Landrot Steve Van Zandt stond erbij en keek ernaar. Toen Bruce zichzelf met veel moeite toch het vege lijf had gered en de kust weer op strompelde naar zijn vriend, merkte die op: “Je tand is afgebroken.” Een van Springsteens voortanden is dus een kroon- of stifttand.

Nederlandse roots
Bruce schenkt veel aandacht aan de Italiaanse achtergrond van zijn moeder en de Ierse achtergrond van zijn vader. Over zijn Nederlandse roots schrijft Bruce niet meer dan: “Mijn overgrootvader werd de ‘Dutchman’ genoemd en ik neem aan dat hij afstamde van een paar verdwaalde Nederlanders die vanuit Nieuw-Amsterdam aan het zwerven waren geslagen en geen idee hadden waar ze terechtgekomen waren. We dragen dus de Nederlandse naam Springsteen, maar het is toch vooral Iers en Italiaans bloed dat zich vermengde.”
Springsteens theatrale kant komt duidelijk van zijn moeders familie. Over zijn opa schrijft hij: “Hij was spannend, angstaanjagend, theatraal, zelf-mythologiserend, een opschepper, eigenlijk net een rockster!” Maar: “Zodra je de deur achter je dicht trok (…) heersten vrouwen over de wereld! Zij lieten mannen denken dat zij de baas waren. (…) De Ieren hadden mamma nodig.” En zijn opa had zijn vrouw nodig. Ook Bruce kan niet zonder Patti. Hij benadrukt in zijn autobiografie diverse malen hoe belangrijk zij voor hem is; vooral ook in het overwinnen van zijn depressies. Verder geeft hij alle credits voor de opvoeding van de kinderen aan Patti; zij heeft ervoor gezorgd dat zij nu de sterke onafhankelijke jongvolwassenen zijn die ze zijn.
Springsteen beschrijft de RAI, waar hij in 1975 het eerste concert op Nederlandse bodem gaf, als een “schitterende zaal”. Ook schrijft hij over de wandeling met zijn bandleden door het red light-district van Amsterdam. Seksgerelateerde onderwerpen lijken bij hem trouwens favoriet te zijn.

Vader
Springsteens vader blijft hem zijn hele leven achtervolgen, ook als hij al lang dood is. Bruce is bang voor alle psychische stoornissen (o.a. manische depressie, paranoia en angststoornis) waaraan zijn vader leed, en die bij hem ook weleens de kop opsteken. Sterker, na bijna iedere tour volgt vaak ten minste wel een milde depressie en tijdens een van zijn laatste depressies zonk hij heel diep, wilde zijn bed niet meer uit en had de hele tijd huilbuien. Ook slikte Bruce twaalf tot vijftien jaar lang antidepressiva. Ten tijde van Born in the USA stuurde Jon Landau hem voor het eerst naar een psycholoog, vele jaren van therapie volgden.
Dat zijn vader lang niet altijd even aardig voor hem was (een understatement) is wel bekend, maar de anekdotes hierover zijn schrijnend en aangrijpend. Zo beschrijft Bruce, een moederskindje dat op 7-jarige leeftijd al als ‘verwijfde mafketel’ werd gezien, dat hij op een avond boksles van zijn vader kreeg in de woonkamer. “Ik was gevleid, gestimuleerd door zijn aandacht en wilde het graag leren. Het ging goed. En toen sloeg hij een paar keer met zijn vlakke hand in mijn gezicht, net te hard. Het prikte, veel pijn deed het niet, maar er was wel een lijn overschreden. Ik wist dat hier iets gezegd werd. We waren in het duistere schimmenrijk terechtgekomen dat achter de vader-zoonrelatie ligt. Ik voelde dat duidelijk gemaakt werd dat ik een indringer was, een vreemdeling, een concurrent in ons huis [voor zijn vader ten opzichte van zijn moeder, red.] en een vreselijke teleurstelling. Mijn hart brak en ik stortte ineen. Hij liep walgend weg.”
Deze treurige verhalen wisselt hij af met enkele mooie anekdotes over zijn vader, waaronder niet alleen een eerste maar ook een tweede reis (een vistripje!) met zijn vader naar Mexico.


Springsteens eerste tripje naar Mexico met zijn vader. Hij betreurt het dat hij toen ongeïnteresseerd deed toen zijn vader
een poging deed iets over zijn werk te vertellen.

Zo staat Born to Run vol met nieuws en en met nieuwe wetenswaardigheden bij bekende gebeurtenissen. Het is interessant om daar nu eens Springsteens persoonlijke visie op te horen. Ondanks deze onthullingen blijven er genoeg mooie anekdotes of nieuwe feiten over Springsteens leven te ontdekken als je zelf het boek Born to Run gaat lezen.

Binnenkort verschijnen ook een recensie en meer artikelen over Born to Run in dit Be True-dossier. Lees op de nieuwspagina een lijst van 25 weetjes over Bruce uit de autobiografie.




OVER BE TRUE
E-MAILNIEUWSBRIEF